Usanze sociali e valori · Comprendere che le usanze sociali possono cambiare a seconda del contesto e del gruppo.
Capire le diverse abitudini
Fonti verificate il
Versione beta: i contenuti e le traduzioni sono ancora in fase di revisione. Consulta le fonti ufficiali prima di prendere decisioni sul tuo esame.

Non esiste un unico modo in cui vivono o comunicano tutte le persone nei Paesi Bassi. Le abitudini variano a seconda della famiglia, della regione, dell’età, dell’istruzione, del reddito, dell’ambiente di lavoro e della personalità. Un modo di relazionarsi (omgangsvorm) è il modo in cui le persone interagiscono tra loro. Una norma è ciò che un gruppo considera appropriato; un valore è ciò che le persone ritengono importante. Anche all’interno della stessa famiglia le idee possono essere diverse. L’uguaglianza significa che tutti hanno la stessa dignità umana, anche se hanno usanze o convinzioni diverse. Una differenza nelle abitudini non dà mai a nessuno il diritto di discriminare un’altra persona.
Queste differenze si notano nelle situazioni quotidiane. In certi ambienti di lavoro tutti si danno del ‘tu’ anche al capo, in altri invece si usa ‘lei’. Alcune persone stringono la mano per salutarsi, altre preferiscono solo pronunciare qualche parola o accennare un cenno. Guarda come si comportano le persone intorno a te. Se hai dubbi, puoi chiedere in modo diretto e gentile cosa è considerato normale in quel contesto.
Cerca di capire una nuova abitudine prima di giudicarla. Questo non significa che dovresti nascondere le tue origini. Puoi anche spiegare quali comportamenti preferisci. Per esempio: "Per me è importante che prima di venire a casa mi avvisi". In questo modo, anche gli altri sanno cosa aspettarsi. Se non vuoi salutare stringendo la mano, puoi dirlo gentilmente e salutare in altro modo. Un piccolo messaggio cortese spesso evita momenti di imbarazzo.
Ogni contesto ha la sua atmosfera: una squadra sportiva, una festa di quartiere o un incontro presso il comune. Quello che è normale in una situazione, magari non lo è altrove. Ascolta, fai domande e datti tempo per imparare. Così si eviteranno molti piccoli malintesi.
Verifica ciò che hai capito
Le forme di relazione sociale sono uguali in tutto il Paese? Mostra la risposta
No, variano in base a persona, gruppo, regione e situazione.
Osserva e chiedi cosa sia usuale in un nuovo contesto.
Non sai come comportarti in una nuova società sportiva. Che puoi fare? Mostra la risposta
Guarda come gli altri prendono accordi e chiedi gentilmente quali regole o abitudini ci sono.
Le modalità di relazione variano tra gruppi e luoghi.
Un collega dà del ‘tu’ al capo, ma tu non sei sicuro se farlo. Che puoi fare? Mostra la risposta
Chiedere che forma di saluto sia normale in quell’ambiente di lavoro.
Le forme di relazione cambiano da luogo a luogo e fra le persone.
Qual è la differenza tra valore e norma? Mostra la risposta
Un valore è ciò che le persone ritengono importante; una norma è ciò che un gruppo considera comportamento appropriato.
Questi concetti aiutano a comprendere abitudini diverse.
Fonti: zoek.officielebekendmakingen.nl · stcrt 2024 15802.html · scp.nl · samenleven in nederland · rijksoverheid.nl · grondwet
Testo originale in olandese
Verschillende gewoonten begrijpen
Er is niet één manier waarop alle mensen in Nederland leven of met elkaar praten. Gewoonten verschillen per familie, regio, leeftijd, opleiding, inkomen, werkplek en persoon. Een omgangsvorm is een manier om met anderen om te gaan. Een norm is wat een groep passend vindt; een waarde is wat mensen belangrijk vinden. Zelfs binnen één familie kunnen mensen hierover verschillen. Gelijkwaardigheid betekent dat mensen dezelfde menselijke waardigheid hebben, ook als zij andere gewoonten of overtuigingen hebben. Een verschil in gewoonte geeft niemand het recht om een ander te discrimineren.
Je merkt zulke verschillen in gewone situaties. Op de ene werkplek zegt iedereen 'jij' tegen de leidinggevende; ergens anders is 'u' gebruikelijk. Bij een begroeting geven sommige mensen een hand, terwijl anderen alleen iets zeggen of knikken. Kijk hoe mensen om je heen met elkaar omgaan. Als je twijfelt, mag je vragen wat op die plek gebruikelijk is.
Probeer een nieuwe gewoonte eerst te begrijpen voordat je er een oordeel over vormt. Dat betekent niet dat je je eigen achtergrond moet verbergen. Je kunt ook vertellen wat voor jou prettig is. Bijvoorbeeld: 'Ik vind het fijn als we eerst een afspraak maken voordat je langskomt.' Zo weten anderen waar ze aan toe zijn. Als je iemand niet wilt begroeten met een hand, kun je dat vriendelijk zeggen en op een andere manier groeten. Een kort woord kan een ongemakkelijk moment voorkomen.
Een sportclub, een buurtfeest en een gesprek bij de gemeente hebben elk hun eigen sfeer. Wat op de ene plek normaal is, hoeft op de andere niet te passen. Luister, stel een vraag en geef jezelf tijd om te leren. Daarmee voorkom je veel kleine misverstanden.
Controleer wat je weet
Zijn omgangsvormen overal in Nederland hetzelfde? Toon antwoord
Nee, ze verschillen per persoon, groep, regio en situatie.
Kijk en vraag wat in een nieuwe omgeving passend is.
Je weet niet hoe je je bij een nieuwe sportvereniging moet gedragen. Wat kun je doen? Toon antwoord
Kijk hoe anderen afspraken maken en vraag vriendelijk welke regels of gewoonten gelden.
Omgangsvormen verschillen tussen groepen en plaatsen.
Een collega zegt 'jij' tegen de leidinggevende, maar jij twijfelt. Wat kun je doen? Toon antwoord
Vragen welke aanspreekvorm op deze werkplek gebruikelijk is.
Omgangsvormen verschillen per plek en persoon.
Wat is het verschil tussen een waarde en een norm? Toon antwoord
Een waarde is wat mensen belangrijk vinden; een norm is wat een groep passend gedrag vindt.
Deze woorden helpen om verschillende gewoonten te begrijpen.